Tag: krimp

Zeven mythes rond kleine scholen

2 reacties
besturenfusiekleine scholenkrimp

 

De afgelopen jaren zijn honderden kleine scholen gesloten. Soms door fusie, soms ‘gewoon’ door opheffing. Dat zijn vaak grote drama’s, zeker als het de laatste school in een dorpskern betreft. Niet verwonderlijk dat de emoties hoog oplopen. De afgelopen jaren heb ik een aantal ouders van medezeggenschapsraden mogen helpen de kleine school, in ieder geval voor een aantal jaren, te behouden. Daarbij werkte ik nauw samen met een onderwijsjurist en soms met een expert op het gebied van bekostiging. Het blijkt dat er veel misverstanden /hardnekkig mythes bestaan rond de kleine school. Hierbij volgen een aantal.

  1. Kleine scholen leveren minder kwaliteit dan grote scholen.
    Dit is een van de meest hardnekkige mythes. Om met de huidige hoofdinspecteur onderwijs te spreken: er zijn goede kleine scholen en slechte grote basisscholen en omgekeerd. Dit is allemaal gebaseerd op een groot aantal onderzoeken.
  2. Het lesgeven is zwaarder.
    Dit is vooral een kwestie van organisatie in de klas, al is het waar dat meer taken door minder mensen moeten worden uitgevoerd. Daar staat tegenover dat het pedagogische klimaat vaak beter is dan op een grote school. Men kent elkaar, er wordt minder of helemaal niet gepest. De school is van iedereen.
  3. Mijn kind heeft te weinig leeftijdgenootjes om mee te spelen op een kleine school.
    Dit suggereert dat kinderen altijd met leeftijdgenootjes moeten spelen. Juist differentiatie, gemengde leeftijdsgroepen in plaats van het traditionele leerstofjaarklassensysteem hebben een positieve invloed op de cognitieve en sociale ontwikkeling van een kind.
  4. Het onderwijs is duurder. Dat hoeft helemaal niet, integendeel. Door de kleine scholentoeslag en recent nog eens extra bedrag van minister Slob, kan men goed uitkomen. Men kan op een aantal punten financieel voordeel halen, zoals door gezamenlijk inkopen en met ouders een stuk onderhoud verzorgen. Verder moet het bestuur wel alle gelden voor de kleine school bedoeld daar ook voor gebruiken.
  5. Het bestuur bepaalt of een school wordt opgeheven en de ouders hebben maar te volgen. De Wet Medezeggenschap Scholen (WMS) legt precies vast wat de rechten van ouders en medewerkers zijn en welke procedures het bestuur moet volgen. Dat kan betekenen dat ouders moeten instemmen of adviseren, al naar gelang er sprake is fusie of sluiting.
  6. Advies en hulp kost geld en de ouders of medewerkers draaien daar voor op.
    Als de MR of alleen de oudergeleding (OMR) zich wil laten adviseren dan regelt de WMS dit allemaal keurig, wat betekent dat de ingeschakelde experts door het bestuur in redelijkheid dienen te worden betaald.
  7. Bij minder dan 50 leerlingen kan de school niet voortbestaan. Er bestaat onderwijskundig gezien geen criterium voor minimale grootte van een basisschool. Wel bestaat er een wettelijke onderkant van 23 leerlingen. In bijzondere gevallen (zoals op de Waddeneilanden) kan daar van worden afgeweken.
    Volgens de bekende Engelse hoogleraar Stephen Heppell vormen kleine scholen juist de toekomst. Toen ik vroeg wat voor hem het minimum aantal zou zijn antwoordde hij: drie of vier leerlingen. Door de slimme inzet van internet en educatieve programma’s kan onderwijs ook worden gedeeld.

Jan Lepeltak

Voor verdere info zie behoudkleinescholen.nl

 

 

 

 

 

Verkiezingen 2017: Bedreigt de brede school de kleine school?

Reageer »
ICTkleine scholenkrimp
't klaverblad Drimmelen

‘t klaverblad in Drimmelen moest sluiten

Kleine scholen in krimpregio’s zoals delen van Groningen, Friesland, Zeeland, delen van Brabant, Zeeland en Zuid-Limburg hebben het moeilijk. Hun voortbestaan wordt ernstig bedreigd. We hebben het dan gauw over zo’n 2000 scholen. Een goede kennis die voor D66 in een Groningse gemeenteraad zit vroeg ik hoe D66 hier tegenaan kijkt? Hij maakte me duidelijk dat D66 weinig in kleine scholen ziet.  Dat is erg jammer. Nog los van de emoties die de sluiting van de enige school in een kleine gemeenschap teweegbrengt, biedt ICT uitstekende mogelijkheden om te innoveren en een kleine school te behouden.
De afgelopen jaren heb ik een aantal medezeggenschapsraden van kleine scholen met succes mogen bijstaan. Van de innovatie heb ik later helaas nog niet zo veel gemerkt.
De problemen van een aantal kleine scholen was niet dat men onder de norm zat wat betreft het aantal leerlingen, het was meestal ook geen kwestie van kwaliteit of geld dat bij het bestuur leidde tot een voorgenomen besluit tot fusie dus feitelijke sluiting van de vaak meer dan 100 jaar oude dorpsschool. Wat dan wel? In veel gevallen werd al elders gebouwd aan een nieuwe brede school kilometers verderop. Een school met allerlei voorzieningen zoals dagopvang etc. Vaak waren er afspraken met de gemeente die investeerde in een nieuw gebouw voor een paar honderd leerlingen op basis van de belofte dat het bestuur door sluiting  van de kleine dorpsscholen voor de nodige leerlingen zal zorgen. Sommige nieuwe gebouwen stonden voor een deel leeg en dat was niet bedoeling. (meer…)

Ontwikkel alternatieven bij dreigende sluiting

1 reactie
beleidbesturenkleine scholenkrimpopheffing

 

Ouders kunnen via MR  een alternatief plan bedenken

In een brief van 4 mei 2015 aan de Tweede Kamer schrijft staatssecretaris Sander Dekker van OCW dat hij de positie van ouders wil versterken door middel van een beschrijving van de procedure die de medezeggenschapsraad (‘MR’), waarin ouders vertegenwoordigd zijn, kan volgen om alternatieven voor een fusie of sluiting voor te leggen aan het bevoegd gezag. Zo’n alternatief kan zijn de overdracht van de school aan een ander bevoegd gezag, bijvoorbeeld de Verenigde Zelfstandige Dorpsscholen.
Begin dit jaar kwam een belangrijke handreiking (zie hieronder) uit van het Experticecentrum Onderwijsgeschillen. Die handreiking is in opdracht van het OCW geschreven door twee vooraanstaande juristen. Het toont zeer gedetailleerd aan dat de Medezeggenschapsraad een instantie is die meer bevoegdheden (lees ook macht) heeft dan men zich doorgaans realiseert. De afgelopen jaren ben ik in adviserende zin een aantal malen betrokken geweest bij dreigende schoolsluiting van een kleine school doorgaans in een krimpgebied.
In de handreiking worden een aantal fases in zo’n fusie/opheffingproces genoemd. Vaak moest ik dikke dossiers doorspitten opgesteld door advocaten van beide partijen (bestuur en MR). Dit was meestal de laatste van de vier fases. Geen leuk werk en wat treurig dat het zover moest komen. Het vreet energie en middelen waarvan ik liever zag dat deze aan het onderwijs en de leerlingen werden besteed. (meer…)